Op 1 januari 2016 telde Nederland 3,1 miljoen 65-plussers, ruim 1 miljoen meer dan twintig jaar eerder. Deze stijging komt doordat de omvangrijke babyboomgeneratie inmiddels deze leeftijd heeft gepasseerd. Hoe vergaat het deze 65-plussers nu in vergelijking met de 65-plussers van twintig jaar geleden? Zijn ze gezonder en leven ze langer?

Vaker ouder in goede gezondheid

Mannen en vrouwen worden steeds ouder. De verdere levensverwachting van een 65-jarige man was in 2015 bijna 19 jaar. Voor een 65-jarige vrouw was dit ruim 21 jaar. Twintig jaar geleden was dat nog 15 jaar (mannen) en ruim 19 jaar (vrouwen). Het verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen wordt dus kleiner. Wel worden vrouwen nog steeds ouder dan mannen. Het kleinere verschil in levensverwachting tussen beide seksen, ligt grotendeels aan het feit dat het verschil in aantal rokende mannen en rokende vrouwen steeds kleiner is geworden. Naast het feit dat 65-jarigen ouder worden, neemt ook de levensverwachting in goed ervaren gezondheid toe. Vooral mannen hebben de afgelopen twee decennia gezondheidswinst geboekt. Gemiddeld kregen zij er drie gezonde jaren bij, terwijl voor vrouwen het aantal gezonde jaren toenam met twee jaar. De levensverwachting zonder lichamelijke gebreken nam nog forser toe dan die in zelf goed ervaren gezondheid.

Langer leven maar wel met langdurige aandoeningen

Mannen en vrouwen in de leeftijd van 65 jaar hebben wel minder lang te leven zonder een langdurige aandoening. De levensverwachting zonder chronische ziekten daalde. Enerzijds komt dit door betere screeningsprogramma’s en onderzoek waardoor mensen eerder een diagnose krijgen van een bepaalde aandoening. Anderzijds worden mensen ouder door verbeterde behandelmethodes. Sommige ziekten, zoals diabetes, komen meer voor dan twintig jaar geleden. De chronische zieke 65-plussers hebben anno 2015 het vaakst te maken met een te hoge bloeddruk en gewrichtsslijtage.

Meer (te) zware 65-plussers

Meer dan 60 procent van de 65- tot 75-jarigen had in 2015 te kampen met overgewicht en van de 75-plussers was dat bijna 60 procent. Twintig jaar eerder had nog niet de helft van de 65-plussers last van zwaarlijvigheid. Vooral mannen wegen vaker een pondje te veel. Onder 65- tot 75-jarigen nam ook het aandeel met ernstig overgewicht (obesitas) toe, vooral onder mannen. Voor vrouwen was de toename van ernstig overgewicht in de oudste twee leeftijdsgroepen ongeveer gelijk. 65-plussers kampten in 2015 vaker met overgewicht dan gemiddeld. Voor de gehele bevolking van vier jaar of ouder gold dat 43 procent overgewicht had, tegen 60 procent onder de 65-plussers.

Acuut hartinfarct niet langer belangrijkste doodsoorzaak

Het aantal sterfgevallen onder 65- tot 75-jarigen door een acuut hartinfarct is tussen 1995 en 2015 onder beide seksen met ongeveer 83 procent afgenomen. In 2015 overleden nog maar duizend personen hieraan, tegen 4 duizend twintig jaar eerder. Stierven de meeste 65- tot 75-jarigen in 1995 nog aan een acuut hartinfarct, twee decennia later was dit aan longkanker (3,5 duizend). Terwijl deze doodsoorzaak voor mannen in twintig jaar vrij fors daalde, is dit voor vrouwen van 65 tot 75 jaar in 2015 de belangrijkste doodsoorzaak geworden. Dit heeft te maken met het feit dat vrouwen pas veel later dan mannen zijn gaan roken. Wel stierven in 2015 nog altijd meer mannen door deze ziekte dan vrouwen (2,1 duizend tegen 1,2 duizend). Het totale aantal mensen in de leeftijd van 65 tot 75 jaar dat overleed, nam af van 28,8 naar 26,6 duizend. Nog steeds stierven er meer mannen dan vrouwen in deze leeftijdscategorie, al nam het aantal sterfgevallen onder mannen in twintig jaar tijd wel sneller af dan bij onder vrouwen.

 

[Bron: CBS]

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann